Flanders Research Information Space (FRIS)
Algemeen
Het departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) startte in het najaar 2007 het FRIS programma (Flanders Research Information Space).
Waarom?
De uitbouw van een informatiearchitectuur over alle spelers in het domein economie, wetenschap en innovatie zal er voor zorgen dat onderzoeksinformatie op een transparante en geautomatiseerde manier kan doorstromen. Een belangrijke voorwaarde voor de ontwikkeling van een succesvolle kenniseconomie bestaat er immers in dat bedrijven en onderzoeksinstellingen inzicht hebben in de ontwikkelde kennis. Zo kan deze kennis sneller worden uitgebouwd, toegepast en gevaloriseerd.
Het is belangrijk dat deze architectuur geënt wordt op de processen waar de informatie wordt gegenereerd. De voordelen hiervan zijn minder overhead (geen bevragingen) en correcte actuele informatie.
Belangrijke componenten van een dergelijke architectuur zijn CRIS-systemen. Een CRIS (Current Research Information System) is een informatiesysteem met een overzicht (metadata) van het lopende onderzoek (projecten, onderzoekers, onderzoeksgroepen, publicaties en andere outputs zoals patenten enz).
FRIS kan vanuit de verscheidene CRIS-systemen van de databeheerders worden gevoed.
De uitbouw van een dergelijk informatieruimte heeft drie strategische doelen:
- meer en sneller innoveren (door de verbeterde informatiedoorstroming worden ideeën sneller opgepikt door de bedrijven, de juiste experten sneller gevonden, ...);
- het verbeteren van de dienstverlening van de overheid aan onderzoekers (door het verminderen van de administratieve lasten: een daling van de administratieve overhead voor een onderzoeker van 1% vertegenwoordigt een jaarlijkse besparing van ongeveer 10 miljoen euro);
- het verhogen van de efficiëntie en effectiviteit van het EWI-beleid (dat sneller kan inspelen op veranderingen omdat het over een goed monitoringinstrument beschikt dankzij de beschikbaarheid van juiste en actuele informatie).
Elk van die doelstellingen draagt bij tot de kerndoelstelling: hogere efficiëntie van het onderzoek.
Hoe?
Voor de uitbouw van FRIS wordt een programmatorische aanpak gehanteerd in nauw partnerschap met de stakeholders. Bij de implementatie wordt veel aandacht geschonken aan schaalbaarheid en herbruikbaarheid van componenten (SOA-technologieën), en wordt de Europese standaard CERIF (Common European Research Information Format, onderhouden door euroCRIS) gebruikt.
Toekomstperspectieven
Eén van de kerntaken van het FRIS veranderingsprogramma is het creëren van een organisatorische en technologische omgeving die toelaat om via efficiënte informatisering gezamenlijke processen en informatie transparant te maken, te beheren, sturen en optimaliseren.
Dit is een voortdurend proces dat resulteert in de ontwikkeling van projecten, die meerdere diensten kunnen omvatten. Op welke manier diensten in één project worden samengenomen, hangt af van volgende factoren:
- betrokken organisaties en personen
- implementatietijd en -kosten
- samenhang en afhankelijkheid tussen diensten
- architecturale noden
Het moment waarop een project binnen het programma wordt uitgevoerd, wordt gedefinieerd in 'golven'. In één golf worden meerdere projecten in parallel uitgevoerd. Welke projecten in welke golf geïmplementeerd worden, zal afhangen van volgende factoren:
- de eventuele noodzaak om op korte termijn specifieke voordelen te realiseren
- complexiteit van de services
- samenhang en afhankelijkheid tussen services
- architecturale noden
Projecten
Via enkele interactieve workshops met vertegenwoordigers van alle belangengroepen (overheid, universiteiten, onderzoeksinstellingen, bedrijven, ...) werd een programmaplan opgesteld dat ter goedkeuring aan de Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel werd voorgelegd. Hierin worden een aantal voorstellen voor projecten gedefinieerd.
Lopende projecten
- FRIS Onderzoeksportaal: het vroegere Vlaamse onderzoeksportaal IWETO werd vervangen door een nieuwe, meer gebruiksvriendelijke portaal met geactualiseerde informatie die gebruik maakt van het CERIF datamodel. Zie hier voor meer informatie over de onderzoeksportaal. De portaal zelf kunt u bezoeken via volgende link: www.researchportal.be
Te realiseren projecten
- Verdere uitbouw van het onderzoeksportaal www.researchportal.be: uitbreiding van de inhoud (equipment, publicaties, octrooien, Europese projecten, subsidie-informatie, wetenschappelijke collecties), het aantal leveranciers (hogescholen, wetenschappelijke instellingen) en de semantiek (begrippen, classificaties en afspraken rond het gebruik ervan).
- E-portfolio: de onderzoeker houdt zijn gegevens (publicaties, projecten, ...) bij op één centrale virtuele plaats zodat deze informatie maximaal herbruikt kan worden in administratieve processen. Het curriculum vitae is een tijdelijke bundeling van informatievelden (een doorsnede), die automatisch uit de onderzoeksinformatieruimte opvraagbaar is. Van cruciaal belang hierbij is de unieke identificatie van de onderzoeker.
- Een aantal analyseprojecten:
Data-acquisitie via universiteiten en associaties
Onderzoeksinformatie wordt verzameld bij de bron en adequaat vastgelegd in de onderzoeksinformatieruimte. Hiervoor is een analyse nodig van de databeheerprocessen: wie heeft welke informatie beschikbaar? Wie is verantwoordelijk voor welke gegevens?
Mobiliteit van de onderzoeker
Momenteel wordt de mobiliteit van de onderzoekers via aparte processen opgevraagd terwijl de informatie al op verschillende plaatsen beschikbaar is. Via de onderzoeksinformatieruimte kunnen we inzicht verwerven in de mobiliteit van onderzoekers en condities creëren voor een betere mobiliteit zonder bijkomende bevraging. Dit maakt deel uit van het generiek informatiekader. Het gaat hier immers ook om definities, classificaties en standaardisatie.
Jaarverslaggeving
De universiteiten dienen dezelfde gegevens soms meermaals te verstrekken in het kader van de jaarverslaggeving. In bepaalde gevallen verschillen de gehanteerde definities naargelang de informatie opgevraagd wordt in het kader van onderzoek of vanuit pedagogisch standpunt. Er dienen een eenduidig formaat, uniforme workflow en generieke standaarden ontwikkeld te worden. Deze analyse kan mee aan de basis liggen voor het uitwerken van het nieuwe besluit voor de jaarverslaggeving.
De FRIS visie valt niet in dovemansoren. Het programma was één van de drie winnaars van de prestigieuze SPITS innovatieprijs van de Vlaamse overheid. Deze erkenning is een belangrijke motivatie om verder te gaan op de ingeslagen weg en met nog meer energie te werken aan de verwezenlijking van het FRIS programma. Lees hier het artikel dat verscheen in Dertien.
Afdeling Kennisbeheer
Navorser
geert.vangrootel@ewi.vlaanderen.be, 02 553 56 95


